Het kroonjuweel van het Zomerakkoord van de regering De Wever 1 was de beperking van de werkloosheid in de tijd. Een neveneffect is de extra instroom van leefloners bij de lokale OCMW’s, die daar niet volledig klaar voor zijn. In deze column uit juli 2025 wijs ik er op dat politici die in Brussel de plak zwaaien ook vaak een lokaal mandaat hebben. En dat als ze in Brussel beslissingen nemen, ze dan best ook rekening houden met de gevolgen er van op lokaal vlak.
Ken je die van die parlementair die instemt met een beleidsmaatregel, zonder eigenlijk goed te beseffen wat de effecten ervan zijn? Het is helaas geen mop, maar bittere ernst. Het nieuwste voorbeeld is de beperking van de werkloosheidsuitkeringen in de tijd. Op zich een legitieme beleidsdoelstelling van een politieke meerderheid. Ook de bevolking kan het wel smaken. Uit De Stemming, een recente peiling van de VRT en De Standaard, blijkt dat meer dan 70 procent van de Vlamingen achter de maatregel staat. Er zijn immers veel te veel kantjeslopers die wel wat activering kunnen gebruiken. En ook de ‘vrouw van de dokter’ moet stoppen met profiteren. Zij zal geen boterham minder eten als ze geen dop meer krijgt.
Toen de details van de maatregel tijdens de parlementaire debatten duidelijk werden, vielen er wel wat lijken uit de kast. Een op zich legitieme beleidsmaatregel die uitwassen wil bestrijden, blijkt in specifieke gevallen hardvochtig. De moeder die jarenlang deeltijds werkte om voor haar kinderen te kunnen zorgen, en die uit een slechtbetaalde hamburgerjob werd ontslagen, verliest straks haar uitkering. Idem voor mensen die ondanks honderden sollicitaties niet meer aan de bak komen, omdat ze ‘te oud’ zijn voor de arbeidsmarkt. Nogal wat parlementairen van de meerderheid (!) waren ‘verrast’. Het aantal 55-plussers die straks naar het OCMW worden geduwd, bleek ‘groter dan verwacht’.
Wie achteraf vervelende neveneffecten van een beleidsmaatregel vaststelt, heeft op voorhand zijn huiswerk niet goed gemaakt. Een van de meest in het oog springende beleidsdossiers van de legislatuur mag je echt wel binnenstebuiten keren, voordat je op het stemknopje drukt. Je zou eigenlijk een algemene mobilisatie van fractiemedewerkers, studiediensten en kabinetten verwachten om eventuele ‘verrassingen’ op voorhand op te sporen.
Niet dus. Of het moet zijn dat parlementsleden in de fuik van de particratie zitten. Een lastig onderhandeld regeerakkoord werd al goedgekeurd op de partijcongressen, zonder dat ook maar iemand van de haastig bijeengetrommelde leden de teksten had gelezen. Want zo gaat dat op zo’n congres. En het parlement beslist zoals steeds netjes bij meerderheid, zonder veel vragen te stellen. Hoe verklaar je anders het fatalisme dat blijkt uit de mededeling van trouwe partijsoldaten dat ‘er niks meer aan de wet zal veranderen’?
Maar goed: er zullen flankerende maatregelen komen. De VDAB zal een tand bij moeten steken. De Vlaamse regering is rijker dan de federale, dus misschien is daar inderdaad iets mogelijk. Al zit men daar ook in een besparingsmodus, en lijkt een breed plan voor een heractivering van werklozen veraf. En ook de lokale besturen zullen in de bres moeten springen, via het OCMW. Dat was al langer geweten en er worden extra middelen beloofd, al zal de opdracht wellicht nog zwaarder uitvallen dan initieel gedacht. Met de kantjeslopers weet een OCMW wel raad, maar het valt dus te vrezen dat er ook heel veel extra kwetsbare mensen zullen instromen. Veel langdurig werklozen slepen problemen van persoonlijke en sociale aard met zich mee: een zwakke fysieke of psychische gezondheid, een gebrek aan kwalificaties, moeten zorgen voor naasten… Zij zijn niet zomaar van vandaag op morgen ‘activeerbaar’. Niet dat het onmogelijk is: veel lokale besturen nemen moedig de handschoen op en boeken mooie resultaten. Maar dat is hard werken en veel investeren in dienstverlening op maat.
Ik zie een grote kans voor de parlementsleden om zich nog te herpakken. In ons land heeft de grote meerderheid van de parlementsleden immers ook een lokaal mandaat. Het dubbelmandaat is een deel van onze politieke cultuur, en de vervlechting tussen het lokale en het nationale bestuursniveau is intens. Daar is veel kritiek op te formuleren, maar nu zou de cumul des mandats wel eens goed van pas kunnen komen. Want de vele parlementsleden die ook lokaal actief zijn, zouden per direct compromisloos kunnen pleiten pro de lokale besturen, die straks de gevolgen zullen dragen van het federale beleid dat zij hebben goedgekeurd. Veel meer extra middelen dan gepland aan de OCMW’s geven, zodat zij de verwachte instroom van cliënten kunnen behappen. En het geplande bonus-malussysteem met financiële straffen voor OCMW’s die hun quotum niet halen, op de schop gooien. Ook de Vlaamse overheid kan verder investeren in echt activeringsbeleid, met meer aandacht voor de sociale kant van de zaak. Boter bij de vis, via een stevig samenwerkingsmodel tussen de VDAB en de lokale besturen. De dubbelmandatarissen weten dus wat hun te doen staat in Brussel. Al was het maar om het schaamrood op de wangen te vermijden tijdens toekomstige gemeenteraden, wanneer het eigen in het werk verzuipende OCMW weer eens op de agenda staat.